Adoptie door een systemische bril: wanneer liefde alleen niet genoeg lijkt

Gepubliceerd op 20 juni 2026 om 23:20

Tom is vijftien jaar.

Tot een paar jaar geleden leek er weinig aan de hand. Hij groeide op in een liefdevol adoptiegezin, had vrienden, deed het redelijk op school en leek een gewone jongen. Maar sinds de puberteit is er iets veranderd. Hij is snel boos. Thuis ontstaan steeds vaker ruzies. Op school gaat het minder goed en hij zoekt voortdurend grenzen op.

Zijn ouders herkennen hun eigen kind soms nauwelijks meer. Wat hen misschien nog wel het meest pijn doet, is dat Tom hen steeds vaker afwijst. Hij trekt zich terug, wil niet praten en reageert geïrriteerd op de mensen die altijd voor hem klaar hebben gestaan. ‘Waarom doet hij dit?’ vragen zijn ouders zich af. ‘We hebben hem toch alles gegeven wat we konden?’

Veel adoptieouders zullen deze vragen herkennen.

Meer dan gedrag alleen
Wanneer een jongere vastloopt, kijken we vaak eerst naar wat er zichtbaar is. We kijken naar het gedrag, de opvoeding, de school, de vriendenkring of mogelijke diagnoses. Dat is begrijpelijk en soms ook nodig. 

Vanuit systemisch perspectief kijken we hier anders naar. We vragen ons af wat het gedrag misschien probeert te vertellen. Want vaak is boosheid niet alleen boosheid. Soms gaat er onder het gedrag een verhaal schuil over verlies, afkomst, verbondenheid en de zoektocht naar een eigen plek.

Een verhaal dat eerder begon
Voor Tom begon zijn verhaal niet bij zijn adoptie. Voordat hij bij zijn adoptieouders kwam wonen, had hij al een vader en een moeder. Van hen heeft hij zijn leven gekregen. Zijn biologische moeder is overleden. Zijn vader ziet hij nog een paar keer per jaar, maar van een echte band is nauwelijks sprake. Toch verdwijnen zij daarmee niet uit zijn leven.

Dat klinkt misschien vreemd, zeker wanneer een kind nog heel jong was tijdens de adoptie. Maar ieder mens blijft op een bepaalde manier verbonden met zijn oorsprong. Een kind kan zijn ouders missen zonder hen echt te kennen. Een kind kan verlangen naar antwoorden op vragen die nooit gesteld zijn.

Twee verhalen
Een geadopteerd kind leeft eigenlijk met twee verhalen. Het eerste verhaal gaat over de mensen van wie hij het leven heeft gekregen. Het tweede verhaal gaat over het gezin waarin hij opgroeit. Voor de meeste kinderen hoeft dat geen probleem te zijn. Maar naarmate ze ouder worden, kunnen er vragen ontstaan.

Tom begint zich bijvoorbeeld af te vragen op wie hij lijkt. Waar zijn talenten vandaan komen. Waarom zijn moeder hem niet zelf heeft kunnen opvoeden. En of zijn vader eigenlijk wel eens aan hem denkt.

Dat zijn geen vreemde vragen. Het zijn vragen die horen bij het ontdekken van wie je bent.

Waarom de puberteit vaak zoveel losmaakt
In de puberteit gaat ieder kind op zoek naar zijn identiteit.

  • Wie ben ik?
  • Waar hoor ik bij?
  • Wat maakt mij tot wie ik ben?

Voor geadopteerde jongeren raken die vragen vaak ook aan hun afkomst. Hun vrienden weten vaak op wie ze lijken. Ze herkennen karaktertrekken van hun ouders of grootouders. Voor een geadopteerde jongere is dat niet altijd vanzelfsprekend. Daardoor kan een zoektocht ontstaan die dieper gaat dan veel mensen beseffen.

Soms uit die zoektocht zich in nieuwsgierigheid. Soms in verdriet, soms in boosheid en soms in gedrag dat voor ouders moeilijk te begrijpen is.

Wat voor ouders voelt als afwijzing
Wanneer Tom zich afzet tegen zijn adoptieouders, voelt dat voor hen als afwijzing. 

Maar systemisch gezien hoeft dat niet zo te zijn. Vaak probeert een jongere niet weg te bewegen van zijn adoptieouders, maar juist dichter bij zichzelf te komen. Hij zoekt naar antwoorden op vragen die diep van binnen leven.

Wat voor ouders voelt als afstand nemen, kan voor een kind een poging zijn om een ontbrekend stukje van zijn verhaal terug te vinden. Als een kind zichzelf uiteindelijk beter kent, kan hij zich dieper verbinden met beide systemen. Dus ook met de adoptieouders. 

Het verborgen verlies
Bij adoptie wordt vaak gesproken over wat een kind heeft gekregen. Een nieuw gezin, liefde, veiligheid en kansen bijvoorbeeld. Maar aan adoptie gaat altijd een verlies vooraf.

Een kind raakt zijn eerste ouders kwijt. Soms ook familieleden, een cultuur, een taal of delen van zijn geschiedenis. Dat verlies is niet altijd zichtbaar, veel kinderen lijken er jarenlang zelfs weinig tot geen last van te hebben. Maar verlies heeft de neiging om op belangrijke momenten opnieuw aandacht te vragen en de puberteit is zo'n moment.

Wat helpt?
Voor adoptieouders is het vaak helpend om te beseffen dat nieuwsgierigheid naar biologische ouders niet betekent dat een kind minder van hen houdt. Kinderen hebben geen behoefte om te kiezen. Sterker nog, ze zouden niet moeten hoeven kiezen. Ze hebben behoefte aan ruimte voor hun hele verhaal. Als er een gevoel is dat de biologische ouders er ‘niet mogen zijn’ betekent dit dat het kind er eigenlijk ook niet mag zijn. 

Wanneer een kind voelt dat het over zijn biologische ouders mag praten, vragen mag stellen en nieuwsgierig mag zijn zonder iemand verdriet te doen, ontstaat er vaak meer rust. Het helpt wanneer adoptieouders kunnen erkennen dat de biologische ouders altijd onderdeel zullen blijven van het leven van het kind. Niet als concurrenten, maar als de mensen van wie het kind het leven heeft gekregen.

Op deze afbeelding is de systemische kijk op adoptie schematisch weergegeven. Er spelen 2 systemen een rol. Het 1e systeem is het systeem met de biologische ouders. Het 2e systeem is het adoptiegezien. Beide systemen mogen naast elkaar bestaan.

Terug naar verbinding
In systemisch werk kijken we naar alle mensen die een plek hebben in het verhaal van een kind. Wanneer belangrijke personen worden vergeten, buitengesloten of niet genoemd, kan dat spanning geven. Niet bewust, maar diep van binnen. Wat zichtbaar is, is vaak gedrag.

Familieopstellingen kunnen helpen om zichtbaar te maken wat er speelt. Ze laten zien waar verdriet, gemis of loyaliteit een rol spelen en hoe iedereen weer een eigen plek kan krijgen.

Voor jongeren als Tom betekent dat vaak niet dat alle problemen ineens verdwijnen. Maar wel dat deze jonge mensen stap voor stap mogen ontdekken dat ze niet hoeven kiezen tussen twee werelden. Dat ze mogen houden van hun adoptieouders én verbonden mogen blijven met hun biologische ouders. Dat hun hele verhaal erbij hoort.

En juist daar ontstaat vaak de rust waar zo lang naar gezocht werd.


Wil je hier als professional meer over weten, vraag dan gratis de whitepaper aan.
Stuur even een mailtje via onderstaande knop er we sturen je een uitgebreider document. 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.